[23] Jes. 11: 1, 2
Collectie: 2412-noorlandt-tape-150
U kunt de preek hier beluisteren en lezen, of de tekst van de preek kopiëren naar het klembord.
Gemeente, de profeet Jesaja, die men wel genoemd heeft de evangelist van het Oude Testament, heeft meer dan enig ander profeet vaak op indrukwekkende wijze gesproken over de komende Messias en over al het goede en heerlijke dat hij brengen zou. Als later Christus geboren wordt en zijn werk doet op deze aarde, dan zijn er heel wat profetieën van Jesaja die in vervulling gaan. Ja, nog altijd tot op de dag van vandaag gaan de profetieën van Jesaja in vervulling. En als straks Christus wedergekomen zal zijn en zijn koninkrijk hiervoor goed op aarde zal hebben opgericht, wanneer dus de nieuwe hemel en de nieuwe aarde zullen gekomen zijn, dan zullen de profetieën van Jesaja volkomen vervuld zijn. Eén van die profetieën is die van ons hoofdstuk, Jesaja 11. Het gaat daarin over een rijsje uit een afgehouwen tronk en over een scheut die voortkomt uit de wortels van die tronk. En het gaat verder ook over een vredesrijk dat door de Messias Jezus Christus zal gesticht worden. Een vredesrijk dat van van onvoorstelbare heerlijkheid. Het is dus voluit een adventstekst waarmee we ons in deze dienst zullen bezighouden. Gemeente, wij allen hebben natuurlijk wel eens gezien een voor het oog dode boomstronk. Van de kruin was in het geheel niets meer te zien. Van de stam misschien alleen nog een rest. Och, wie let er op zo’n boomstronk? Er is niets aantrekkelijks en bekoorlijks nog aan. Het kan een hele mooie, prachtige boom geweest zijn, maar die tijd is voorbij. Een kale stronk is ervan overgebleven. Misschien nog een paar jaar en dan zal die stronk ook verrot zijn. En op de duur zullen ook de dode wortels vergaan. En zo blijft er dan van die boom helemaal niets over. Zie met dat beeld nu, heeft Jesaja willen aanduiden het koninklijke huis van Juda. Het ging met dat koningshuis naar het zich liet aanzien, snel achteruit. Straks zouden de laatste vorsten uit dit huis naar Babel worden weggevoerd. En dan zou er helemaal niets meer naar het schijnt van overgebleven zijn. En toch, Jesaja ziet wat anders. Hij is een profeet, hij is een ziener. Gods geest verlicht hem. Hij mag zien wat anders voor mensenogen verborgen zou zijn. Hij mag zien in de toekomst, en wel de messiaanse toekomst. Hij ziet de Messias en zijn toekomst. En dan ziet Jesaja wonderlijke en zeer heerlijke dingen. Het is één groot wonder wat hij aanschouwt. Uit de dood ziet hij het leven opkomen, uit die al de afgehouwen tronk van het huis van David ziet hij opschieten een rijsje, een scheut waarin leven is, nieuw leven, krachtig leven, dat toekomst heeft. Dat rijsje en die scheut, het is de Messias. Het is de grote koning die al zovaak is beloofd. De koning die brengen zal dat eeuwige vredesrijk. Jesaja, de profeet en ziener, wat zal hij er door vertroost zijn? Voor hem zelf allereerst is dit gezicht geweest, één en al vertroosting. Maar het was ook vol vertroosting voor anderen. Anderen heeft hij er deelgenoot van gemaakt. En hij maakt ook ons vanmorgen er deelgenoot van, om ook ons daarmee te vertroosten met dit gezicht, te vertroosten met Jezus Christus, die koning die nog altijd bezig is een vredesrijk te stichten en die eenmaal dat rijk ook voltooien zal. Als wij vertroosting begeren gemeente vanuit het woord des Heren, hier ligt ze voor ons opgestapeld. Hier is genoeg. Hier zien wij licht in de duisternis van zonde en schuld, van nood en dood. Ook voor ons is er geen andere troost dan deze, die Jesaja ontvangen heeft en die hij heeft mogen doorgeven aan het volk van zijn dagen en aan de EjQKMgEMOdbHHivEnlqyLJY7W9hXBrxMHj4AhqGv/4RO3vxkwuSwkyoXmiHRkBWx9xnG79oC
Deze tekst is een automatische transcriptie met behulp van kunstmatige intelligentie. Als u eventuele fouten in deze tekst wilt (helpen) verbeteren, wilt u ons dat dan laten weten?
Gemeente, de profeet Jesaja, die men wel genoemd heeft de evangelist van het Oude Testament, heeft meer dan enig ander profeet vaak op indrukwekkende wijze gesproken over de komende Messias en over al het goede en heerlijke dat hij brengen zou. Als later Christus geboren wordt en zijn werk doet op deze aarde, dan zijn er heel wat profetieën van Jesaja die in vervulling gaan. Ja, nog altijd tot op de dag van vandaag gaan de profetieën van Jesaja in vervulling. En als straks Christus wedergekomen zal zijn en zijn koninkrijk hiervoor goed op aarde zal hebben opgericht, wanneer dus de nieuwe hemel en de nieuwe aarde zullen gekomen zijn, dan zullen de profetieën van Jesaja volkomen vervuld zijn. Eén van die profetieën is die van ons hoofdstuk, Jesaja 11. Het gaat daarin over een rijsje uit een afgehouwen tronk en over een scheut die voortkomt uit de wortels van die tronk. En het gaat verder ook over een vredesrijk dat door de Messias Jezus Christus zal gesticht worden. Een vredesrijk dat van van onvoorstelbare heerlijkheid. Het is dus voluit een adventstekst waarmee we ons in deze dienst zullen bezighouden. Gemeente, wij allen hebben natuurlijk wel eens gezien een voor het oog dode boomstronk. Van de kruin was in het geheel niets meer te zien. Van de stam misschien alleen nog een rest. Och, wie let er op zo'n boomstronk? Er is niets aantrekkelijks en bekoorlijks nog aan. Het kan een hele mooie, prachtige boom geweest zijn, maar die tijd is voorbij. Een kale stronk is ervan overgebleven. Misschien nog een paar jaar en dan zal die stronk ook verrot zijn. En op de duur zullen ook de dode wortels vergaan. En zo blijft er dan van die boom helemaal niets over. Zie met dat beeld nu, heeft Jesaja willen aanduiden het koninklijke huis van Juda. Het ging met dat koningshuis naar het zich liet aanzien, snel achteruit. Straks zouden de laatste vorsten uit dit huis naar Babel worden weggevoerd. En dan zou er helemaal niets meer naar het schijnt van overgebleven zijn. En toch, Jesaja ziet wat anders. Hij is een profeet, hij is een ziener. Gods geest verlicht hem. Hij mag zien wat anders voor mensenogen verborgen zou zijn. Hij mag zien in de toekomst, en wel de messiaanse toekomst. Hij ziet de Messias en zijn toekomst. En dan ziet Jesaja wonderlijke en zeer heerlijke dingen. Het is één groot wonder wat hij aanschouwt. Uit de dood ziet hij het leven opkomen, uit die al de afgehouwen tronk van het huis van David ziet hij opschieten een rijsje, een scheut waarin leven is, nieuw leven, krachtig leven, dat toekomst heeft. Dat rijsje en die scheut, het is de Messias. Het is de grote koning die al zovaak is beloofd. De koning die brengen zal dat eeuwige vredesrijk. Jesaja, de profeet en ziener, wat zal hij er door vertroost zijn? Voor hem zelf allereerst is dit gezicht geweest, één en al vertroosting. Maar het was ook vol vertroosting voor anderen. Anderen heeft hij er deelgenoot van gemaakt. En hij maakt ook ons vanmorgen er deelgenoot van, om ook ons daarmee te vertroosten met dit gezicht, te vertroosten met Jezus Christus, die koning die nog altijd bezig is een vredesrijk te stichten en die eenmaal dat rijk ook voltooien zal. Als wij vertroosting begeren gemeente vanuit het woord des Heren, hier ligt ze voor ons opgestapeld. Hier is genoeg. Hier zien wij licht in de duisternis van zonde en schuld, van nood en dood. Ook voor ons is er geen andere troost dan deze, die Jesaja ontvangen heeft en die hij heeft mogen doorgeven aan het volk van zijn dagen en aan de </b>
EjQKMgEMOdbHHivEnlqyLJY7W9hXBrxMHj4AhqGv/4RO3vxkwuSwkyoXmiHRkBWx9xnG79oC
