[41] Mar.15: 22
Collectie: 2412-noorlandt-tape-150
U kunt de preek hier beluisteren en lezen, of de tekst van de preek kopiëren naar het klembord.
land op zijn tocht, op zijn lijdens tocht hebben mogen volgen. Vanaf de intocht te Jeruzalem tot nu hij wordt uitgeleid op Golgotha heeft de Here Jezus altijd nog geleden, binnen de muren van de heilige stad. Hoe erg het ook geweest is, hoe vol spot en smaad en vernedering, nog altijd was hij een inwoner en burger van de heilige Godstad. Maar in onze tekst lezen wij ervan dat de Heiland gebracht is, gevoerd is buiten de muren van de heilige stad, naar de plaats van de terechtstelling. Hij is niet meer waardig gekeurd om binnen de stad te sterven, maar als een misdadiger, zoals het met alle boosdoeners en overtreders ging die de dood hadden verdiend, is hij geleid buiten de stad waar God zijn woning houdt onder Israël en waar het volk vergaderd wordt in het heiligdom. Wat moet dat gemeente voor de zaligmaker geweest zijn? Deze laatste gang van hem. Genomen, buiten de stad om als een misdadiger, als een gevloekte, als een van God en het volk uitgeworpene, het laatste te gaan volbrengen. Er is geen enkel beschaafd volk, gemeente, of er is geen gemeenschap tussen een eerlijk burger en een misdadiger. Die twee zijn altijd onder al de beschaafde volken van elkaar gescheiden. En het wordt bijzonder onder Israël als het van God verkozen volk duidelijk gemaakt dat er geen gemeenschap kan zijn tussen de tempeldienst en de zondedienst. Die liggen van elkaar gescheiden door een onoverbrugbare kloof. En nu wordt de Here Jezus genomen, gebracht buiten de heilige stad naar de plaats van de terechtstelling als een onreine, als een misdadiger behandeld. Zo was het toch voorgeschreven in de wet van Mozes die God had gegeven. Zo had men door al de tijden heen gehandeld met degene die het leven hadden verbeurd en de dood hadden verdiend. Buiten de stad, buiten het legerkamp zijn ze geleid en moesten daar jammerlijk sterven. Want blader met me dan eens door het oude en toch altijd weer nieuwe Bijbelboek. Sla eens op Leviticus 24. Daar wordt gesproken over en verhaald van een vloeker, een godslasteraar die op goddelijk bevel buiten het legerkamp van Israël in de eenzaamheid van de woestijn is geleid om daar te sterven omdat hij de naam van de Heilige had gelasterd. Blader nog eens verder en zie hoe in Numeri 15 een soortgelijk bericht staat van een sabbatschender die op heterdaad betrapt is bij het sprokkelen van hout op de sabbat en het oordeel Gods alweer buiten de legerplaats in de woestijn aan zich voltrokken zag door de steniging. Is later ook Nabot niet, al was het door schandelijk onrecht, buiten de stad gestenigd, beschuldigd van lastering tegen God en de koning, al heeft de Here het ook voor deze rechtvaardige opgenomen. En lees dan ten laatste ook in Leviticus 16, [muziek] EjQKMgEMOdbHk/XGTsiYboIkJ6kadZ/CELwhNxyhhn0FJpdZoVgGZhU5F9oTF3UkJE/2GvzZ
Deze tekst is een automatische transcriptie met behulp van kunstmatige intelligentie. Als u eventuele fouten in deze tekst wilt (helpen) verbeteren, wilt u ons dat dan laten weten?
land op zijn tocht, op zijn lijdens tocht hebben mogen volgen. Vanaf de intocht te Jeruzalem tot nu hij wordt uitgeleid op Golgotha heeft de Here Jezus altijd nog geleden, binnen de muren van de heilige stad. Hoe erg het ook geweest is, hoe vol spot en smaad en vernedering, nog altijd was hij een inwoner en burger van de heilige Godstad. Maar in onze tekst lezen wij ervan dat de Heiland gebracht is, gevoerd is buiten de muren van de heilige stad, naar de plaats van de terechtstelling. Hij is niet meer waardig gekeurd om binnen de stad te sterven, maar als een misdadiger, zoals het met alle boosdoeners en overtreders ging die de dood hadden verdiend, is hij geleid buiten de stad waar God zijn woning houdt onder Israël en waar het volk vergaderd wordt in het heiligdom. Wat moet dat gemeente voor de zaligmaker geweest zijn? Deze laatste gang van hem. Genomen, buiten de stad om als een misdadiger, als een gevloekte, als een van God en het volk uitgeworpene, het laatste te gaan volbrengen. Er is geen enkel beschaafd volk, gemeente, of er is geen gemeenschap tussen een eerlijk burger en een misdadiger. Die twee zijn altijd onder al de beschaafde volken van elkaar gescheiden. En het wordt bijzonder onder Israël als het van God verkozen volk duidelijk gemaakt dat er geen gemeenschap kan zijn tussen de tempeldienst en de zondedienst. Die liggen van elkaar gescheiden door een onoverbrugbare kloof. En nu wordt de Here Jezus genomen, gebracht buiten de heilige stad naar de plaats van de terechtstelling als een onreine, als een misdadiger behandeld. Zo was het toch voorgeschreven in de wet van Mozes die God had gegeven. Zo had men door al de tijden heen gehandeld met degene die het leven hadden verbeurd en de dood hadden verdiend. Buiten de stad, buiten het legerkamp zijn ze geleid en moesten daar jammerlijk sterven. Want blader met me dan eens door het oude en toch altijd weer nieuwe Bijbelboek. Sla eens op Leviticus 24. Daar wordt gesproken over en verhaald van een vloeker, een godslasteraar die op goddelijk bevel buiten het legerkamp van Israël in de eenzaamheid van de woestijn is geleid om daar te sterven omdat hij de naam van de Heilige had gelasterd. Blader nog eens verder en zie hoe in Numeri 15 een soortgelijk bericht staat van een sabbatschender die op heterdaad betrapt is bij het sprokkelen van hout op de sabbat en het oordeel Gods alweer buiten de legerplaats in de woestijn aan zich voltrokken zag door de steniging. Is later ook Nabot niet, al was het door schandelijk onrecht, buiten de stad gestenigd, beschuldigd van lastering tegen God en de koning, al heeft de Here het ook voor deze rechtvaardige opgenomen. En lees dan ten laatste ook in Leviticus 16, [muziek]
EjQKMgEMOdbHk/XGTsiYboIkJ6kadZ/CELwhNxyhhn0FJpdZoVgGZhU5F9oTF3UkJE/2GvzZ
