[20] Spr. 3: 5

Voorganger

Abma (jr.), G.H.

Datum preek

8 juli 1979

U kunt de preek hier beluisteren en lezen, of de tekst van de preek kopiëren naar het klembord.

Gemeente. Ik wil er ons beginnen en met het vertellen van een verhaal en het is een verhaal dat echt gebeurd is. Het staat dan ook niet voor niets in de Bijbel. En het verhaal dat ik vertellen wil, dat is een verhaal dat als het ware een illustratie is bij de tekst van de prediking van vanavond. En jongeren zijn vaak gewend, als ze een boek krijgen en zijn ze het eigenlijk alleen om het door te bladeren en eerst eens de platen te bekijken. En zo mogen wij juist, met name vanavond, de jongens en meisjes heel goed luisteren, want als ze het verhaal eigenlijk goed gehoord hebben, dan zullen ze de preek ook veel beter kunnen begrijpen. En ik denk niet dat het alleen voor de jongens en meisjes is, maar dat er ook wel ouderen zijn die eigenlijk niet zo houden van zondagsschoolverhalen en die toch ook uit deze geschiedenis veel kunnen leren en troost putten. We lezen van een hele jonge koning nog, 25 jaar oud was hij, toen die aan de regering kwam. En je kon wel bang zijn wat het bestuur van deze man worden zou. Want zijn vader had een heel slecht voorbeeld gegeven. Zijn vader die was bezig geweest om heel Israël te maken tot afgodendienaren. Hij had het volk onderwijs gegeven in de godsdienst van Baäl. U weet wel, dat is zo’n vreemde menging van de verering van de goden van vruchtbaarheid en de de vrucht en de god van de geslachtelijkheid. En aan de andere kant had hij zelfs ook een een bres geslagen voor de invoering van de godsdienst ter ere van Moloch. Dat is de de god van de Ammonieten. En de god die opeiste van de tot radeloosheid gekomen mensen het offer te brengen van de eigen kinderen. En deze koning had ook één van zijn eigen zonen door het vuur laten gaan. Nou, je kunt niet veel goeds van de zoon van zo’n koning verwachten, niet waar? Maar hij had ook een moeder gehad. En zijn moeder was anders. Dat was een gelovige vrouw en haar opvoeding heeft de Here kunnen gebruiken om deze jonge koning te laten zijn tot een vorst waar de Here God blij mee was. Omdat hij deed wat goed was in de ogen van de Here. Omdat hij wandelde in de voetstappen en het spoor van koning David. Deze koning, misschien weet u het al, het is Hiskia, diende de Here God met zijn gehele hart. Hij heeft radicaal gebroken met de afgodendienst. Hij heeft schoonschip gemaakt, de offerhoogte met de Altare zijn verwoest en de bijnis gezet in de bomen die vereerd werden op afgodische wijze. Hij heeft zelfs het het monument van Mozes, de koperen slang, vernietigd, omdat het volk er afgoderij mee bedreef. En en de dienst in de tempel is opnieuw in ere hersteld. Dat was prachtig begin van de regeringsperiode van Hiskia. En dan wordt hij ons getekend in de Bijbel als de man, die vertrouwde op de Here God, die niet week van de Here, die wandelde in zijn geboden. Dat is koning Hiskia. Het is alsof de Bijbel schrijft en met een enkele lijn ons tekent het beeld van deze goede koning, deze gelovige vorst in Israël. Hij vertrouwde op de Here God. Hij hing de Here God aan, staat er letterlijk. Hij week niet van hem en deed naar al wat de Here God geboden had in de wet aan zijn dienstknecht Mozes. En daarover gebied de Here God dan ook de zegen. Hiskia, mocht veel succes ondervinden in al zijn ondernemingen. Onder andere had Hiskia zelfs de moed om in opstand te komen tegen de koning van Babel, om niet langer meer vazal te moeten wezen van het Assyrische Rijk. Maar het moet Hiskia wel wat gedaan hebben dat toen de koning van Assyrië uittrok tegen Samaria, dat na een beleg van een een jaar of drie. De stad is ingenomen en al de bewoners van Samaria zijn gedeporteerd naar Asser. En er staat er in de Bijbel bij, dat gebeurde


Deze tekst is een automatische transcriptie met behulp van kunstmatige intelligentie. Als u eventuele fouten in deze tekst wilt (helpen) verbeteren, wilt u ons dat dan laten weten?


Gemeente.
Ik wil er ons beginnen en met het vertellen van een verhaal en het is een verhaal dat echt gebeurd is.
Het staat dan ook niet voor niets in de Bijbel.
En het verhaal dat ik vertellen wil, dat is een verhaal dat als het ware een illustratie is bij de tekst van de prediking van vanavond.
En jongeren zijn vaak gewend, als ze een boek krijgen en zijn ze het eigenlijk alleen om het door te bladeren en eerst eens de platen te bekijken.
En zo mogen wij juist, met name vanavond, de jongens en meisjes heel goed luisteren, want als ze het verhaal eigenlijk goed gehoord hebben, dan zullen ze de preek ook veel beter kunnen begrijpen.
En ik denk niet dat het alleen voor de jongens en meisjes is, maar dat er ook wel ouderen zijn die eigenlijk niet zo houden van zondagsschoolverhalen en die toch ook uit deze geschiedenis veel kunnen leren en troost putten.
We lezen van een hele jonge koning nog, 25 jaar oud was hij, toen die aan de regering kwam.
En je kon wel bang zijn wat het bestuur van deze man worden zou.
Want zijn vader had een heel slecht voorbeeld gegeven.
Zijn vader die was bezig geweest om heel Israël te maken tot afgodendienaren.
Hij had het volk onderwijs gegeven in de godsdienst van Baäl.
U weet wel, dat is zo'n vreemde menging van de verering van de goden van vruchtbaarheid en de de vrucht en de god van de geslachtelijkheid.
En aan de andere kant had hij zelfs ook een een bres geslagen voor de invoering van de godsdienst ter ere van Moloch.
Dat is de de god van de Ammonieten.
En de god die opeiste van de tot radeloosheid gekomen mensen het offer te brengen van de eigen kinderen. En deze koning had ook één van zijn eigen zonen door het vuur laten gaan.
Nou, je kunt niet veel goeds van de zoon van zo'n koning verwachten, niet waar? Maar hij had ook een moeder gehad.
En zijn moeder was anders. Dat was een gelovige vrouw en haar opvoeding heeft de Here kunnen gebruiken om deze jonge koning te laten zijn tot een vorst waar de Here God blij mee was. Omdat hij deed wat goed was in de ogen van de Here.
Omdat hij wandelde in de voetstappen en het spoor van koning David.
Deze koning, misschien weet u het al, het is Hiskia, diende de Here God met zijn gehele hart.
Hij heeft radicaal gebroken met de afgodendienst.
Hij heeft schoonschip gemaakt, de offerhoogte met de Altare zijn verwoest en de bijnis gezet in de bomen die vereerd werden op afgodische wijze.
Hij heeft zelfs het het monument van Mozes, de koperen slang, vernietigd, omdat het volk er afgoderij mee bedreef.
En en de dienst in de tempel is opnieuw in ere hersteld.
Dat was prachtig begin van de regeringsperiode van Hiskia.
En dan wordt hij ons getekend in de Bijbel als de man, die vertrouwde op de Here God, die niet week van de Here, die wandelde in zijn geboden.
Dat is koning Hiskia. Het is alsof de Bijbel schrijft en met een enkele lijn ons tekent het beeld van deze goede koning, deze gelovige vorst in Israël.
Hij vertrouwde op de Here God. Hij hing de Here God aan, staat er letterlijk. Hij week niet van hem en deed naar al wat de Here God geboden had in de wet aan zijn dienstknecht Mozes. En daarover gebied de Here God dan ook de zegen.
Hiskia, mocht veel succes ondervinden in al zijn ondernemingen.
Onder andere had Hiskia zelfs de moed om in opstand te komen tegen de koning van Babel, om niet langer meer vazal te moeten wezen van het Assyrische Rijk.
Maar het moet Hiskia wel wat gedaan hebben dat toen de koning van Assyrië uittrok tegen Samaria, dat na een beleg van een een jaar of drie. De stad is ingenomen en al de bewoners van Samaria zijn gedeporteerd naar Asser.
En er staat er in de Bijbel bij, dat gebeurde

G.H. Abma (1947-2017): studie Utrecht, kand. 1974, Poortvliet-hg 1974, Ederveen-hg 1979, Gouda-hg 1983-2012. Bron: dominees.nl.